Netfirms Rechtsbijstandverzekeringen

Gratis offerte
offerte rechtsbijstandsverzekering
Verzekeringen
De anwb bootverzekering
Collectieve rechtsbijstandverzekering ...
Burgerlijk procesrecht
Jeanne d'Arc
Vrijstellingen schenkingsrecht
Meer arbeidszaken voor ...
VN bekritiseren illegale detentie ...
Kapper verkocht haarlokken eerste man ...
Rechtsbijstandsverzekering
Collectieve rechtsbijstandverzekering ...
Fransen terug uit Guantánamo
Rechtsbijstandverzekering   verbond ...
notariskosten uitvaart
 
 

Welkom op Netfirms Rechtsbijstandverzekeringen,
rubriek Burgerlijk procesrecht

 

Free Web Hosting by Netfirms
Web Hosting by Netfirms | Free Domain Names by Netfirms






Burgerlijk procesrecht



From Sterwiki




Geschillen in het burgerlijk recht worden afgedaan met behulp van het burgerlijk procesrecht



Table of contents

1 Hoofdpersonen in het civiel recht

2 Procedure in het civiel recht

3 De rechtbank


3.1 De sector kanton



4 Het gerechtshof

5 De Hoge Raad

6 Alternatieve procedures

7 Beslissing van de rechter

8 De dagvaardingsprocedure

9 De verzoekschriftprocedure

10 Het kort geding


Hoofdpersonen in het civiel recht


De twee partijen in het civiel recht zijn de eiser en de gedaagde. De eiser begint de civiele procedure en de gedaagde is zijn tegenstander: de gedaagde moet zich in een proces verdedigen. De partijen krijgen in een proces te maken met een aantal personen:


  • De rechter: de rechter is onpartijdig en hoort (meestal door middel van het lezen van schriftelijke stukken) beide partijen. Hij doet een uitspraak op basis van wat hij heeft gehoord en is daarbij aan niemand verantwoording schuldig. Hij is alleen gebonden aan het recht.
  • De griffier: de griffier noteert het belangrijkste wat er tijdens de rechtszitting wordt gezegd en gedaan. De rechter neemt een beslissing op basis van zijn aantekeningen.
  • De advocaat. Iemand die een burgerlijk proces wil beginnen, moet vaak eerst een advocaat inschakelen. Een advocaat geeft meestal eerst advies over de zaak. Soms probeert hij een regeling te treffen met de tegenpartij. Pas als dat niet lukt, stapt hij naar de rechter. In de meeste gevallen moeten partijen zich door een advocaat laten bijstaan. Bij de kantonrechter is een advocaat niet verplicht. De gedaagde in kort geding hoeft zich evenmin door een advocaat te laten vertegenwoordigen. Iedereen heeft recht de hulp van een advocaat in te roepen. Wie dat niet kan betalen, krijgt er een toegewezen via de Raad voor de Rechtsbijstand. Wel moet dan altijd een eigen bijdrage worden betaald, die afhankelijk is van iemands inkomen en vermogen. Daarnaast bestaan er ook Bureaus voor Rechtshulp. Hier kan iedereen advies krijgen over juridische zaken.

Procedure in het civiel recht


Degene die in een burgerlijk proces is verwikkeld, krijgt vaak met verschillende rechterlijke instanties te maken. In Nederland houden drie instanties zich met civiele rechtsprocedures bezig:


  • de rechtbank
  • het gerechtshof
  • de Hoge Raad.

Vroeger had je ook nog afzonderlijke kantongerechten, maar die zijn inmiddels bij de rechtbanken ondergebracht. In het civiel recht bestaan bovendien ook alternatieve procedures, waarbij meningsverschillen op een andere manier dan voor de rechter worden opgelost, bijvoorbeeld via een geschillencommissie.


De rechtbank


Daarnaast behandelen rechters bij de rechtbank alle zaken die niet in eerste instantie bij de kantonrechter terechtkomen. Meestal oordeelt de rechter op grond van schriftelijke stukken. Partijen hoeven dan niet voor de rechter te komen. Bij familiezaken is dat wel het geval. Speciale procedures bij de rechtbank zijn het kort geding en de procedure voor de kinderrechter.


De sector kanton


De sector kanton is een afdeling van de rechtbank, bedoeld voor de eenvoudigere geschillen. Burgers kunnen er op een relatief eenvoudige manier hun recht halen. Dat betekent dat zij zelf hun zaken mogen behartigen en niet altijd een advocaat hoeven mee te nemen. De kantonrechter bezighoudt, behandelt alle huur-, huurkoop- en arbeidszaken. Verder behandelt hij alle zaken waarin het draait om minder dan €5000 (in 2003). Er bestaan twee kantongerechtprocedures: een standaardprocedure en een vereenvoudigde procedure.

Als een partij het niet eens is met de uitspraak van de kantonrechter, kan hij in principe in hoger beroep bij de rechtbank. Wel moet het dan gaan om een bedrag dat hoger is dan € 1750,- of om een zaak die niet in geld is uit te drukken, bijvoorbeeld om de ontruiming van een woning.


Het gerechtshof


De raadsheren van een gerechtshof behandelen alleen zaken in hoger beroep tegen vonnissen van een rechtbank. Zaken die eerst bij de kantonrechter zijn geweest en daarna bij de meervoudige kamer van de rechtbank, komen dus niet bij het gerechtshof terecht. De procedure bij het gerechtshof lijkt op de procedure bij de rechtbank. Sommige gerechtshoven behandelen exclusief een bepaald soort zaken, bijvoorbeeld pachtzaken of zaken waarbij ondernemingsraden zijn betrokken.


De Hoge Raad


Een partij die het niet eens is met een uitspraak, kan bij de Hoge Raad in cassatie gaan. De Hoge Raad controleert alleen of de rechtbank of het gerechtshof de rechtsregels goed heeft toegepast. Bij de Hoge Raad kan je dus niet meer over feiten gaan twisten.
Als dat niet zo is, moet een andere rechtbank of een ander hof de zaak afdoen, met inachtneming van het oordeel van de Hoge Raad.
Deze controlefunctie van de Hoge Raad blijkt ook uit het bestaan van de procedure cassatie in het belang der wet. Dit gebeurt als een lagere rechter een uitspraak heeft gemaakt die juridisch niet in orde is, maar de partijen het niet nodig vinden om in cassatie te gaan. Om precedentwerking van de 'slechte' uitspraak te voorkomen, kan een advocaat-generaal bij de Hoge Raad de zaak voorleggen aan de Hoge Raad. De uitspraak van de Hoge Raad heeft dan voor de partijen geen gevolgen, maar is bedoeld om voor de lagere rechters een duidelijke lijn uit te zetten.


Alternatieve procedures


Niet alle conflicten hoeven door een rechter te worden opgelost. Meningsverschillen tussen partijen in een bepaalde bedrijfstak bijvoorbeeld kunnen ook worden voorgelegd aan een commissie van deskundigen. We noemen dit arbitrage. Op het gebied van het consumentenrecht bestaan verschillende geschillencommissies. Omdat een procedure voor de rechter veel geld kost en vaak lang duurt, stimuleert de overheid alternatieve manieren om conflicten op te lossen. Zo wordt er bijvoorbeeld geëxperimenteerd met bemiddelaars die helpen bij echtscheidingen.


Beslissing van de rechter


Degene die in een burgerlijk proces gelijk heeft gekregen van de rechter, zal het vonnis of de beschikking willen uitvoeren. Dat kan pas nadat de tegenpartij weet wat de uitspraak is: een deurwaarder brengt de tegenpartij daarvan op de hoogte. Komt de tegenpartij zijn plichten niet vrijwillig na, dan kan de deurwaarder zogenaamde dwangmiddelen toepassen. Hij kan bijvoorbeeld beslag leggen op het loon van iemand die weigert alimentatie te betalen. Ook de rechter kan een dwangsom opleggen: de partij die zich niet aan de uitspraak van de rechter houdt, moet dan een bepaald bedrag betalen aan de andere partij.


De dagvaardingsprocedure


Iemand die een proces begint, moet eerst op het gerecht griffierechten betalen. Dat zijn een soort administratiekosten. Vervolgens krijgt de tegenpartij een oproep om voor de rechter te verschijnen. Zo'n oproep is altijd in zo ouderwets mogelijk Nederlands geschreven. Hij heet dagvaarding en wordt door een deurwaarder aan de tegenpartij betekend (=bezorgd). In een dagvaarding staat precies wat een eiser wil. De gedaagde kan hierop schriftelijk reageren. De rechter beslist met name op basis van deze schriftelijke stukken. Zijn uitspraak heet een vonnis.


De verzoekschriftprocedure


In sommige gevallen begint een proces niet met een dagvaarding, maar met een verzoekschrift. Daarin vraagt de ene partij aan de rechter iets te doen, bijvoorbeeld een arbeidsovereenkomst te ontbinden. Ook een echtscheiding kan via een verzoekschriftprocedure verlopen. Een uitspraak van een rechter heet in zo'n geval een beschikking.


Het kort geding


Een kort geding is een snelle behandeling van een zaak waarin haast is geboden. Dat is bijvoorbeeld het geval bij stakingen of de ontruiming van een woning. Het gaat bij een kort geding om een mondelinge behandeling van een zaak.
Als een van de partijen het niet eens is met de uitspraak van de kortgedingrechter, kan hij een kort geding in hoger beroep beginnen, en daarna zelfs in kort geding naar de Hoge Raad gaan. Daarna kan een partij ook nog een gewone procedure (een zogenoemde bodemprocedure) starten. Dit kan dus betekenen dat de partijen, voordat er een definitieve einduitspraak ligt, zes instanties doorlopen hebben!

Het oordeel van de kortgedingrechter blijft gelden, totdat de rechter een uitspraak doet in een bodemprocedure.




Deze tekst is overgenomen met enige bewerkingen van de website van de Nederlandse Overheid, http://www.overheid.nl. Het kan zijn dat daar een recentere versie is te vinden.

Categorie:burgerlijk recht


Tip:
Beamte Unfallversicherung ?